Op een forum heet alles wat recht naar beneden gaat ‘verticalen’. In de lesboot op de Nieuwe Maas splitsen wij dat. Een metalen jig valt snel, liegt weinig en is op zijn plek als u diepte wilt zien en de vis agressief genoeg is om een smal stuk metaal te pakken. Een shad op een zware kop valt langzamer, blijft langer in beeld en is vaak beter als de snoekbaars kort boven de bodem hangt en een harde tik negeert. Beide zijn jiggen. Het zijn geen synoniemen.

Visser jiggt verticaal met een metalen kunstaas vanaf een boot in de Rotterdamse haven
Verticaal vissen vraagt een boot die blijft liggen. De jig doet de rest niet alleen.

De boot is de helft van de techniek. Drift u schuin weg van de pijler, dan vist uw ‘verticale’ lijn al snel een diagonale worp zonder worp, en haakt u de stroom in plaats van de vis. Evenwijdig aan de structuur, langzaam, buiten de vaargeul: dat is de positie. Een schip dat nadert, beëindigt de worp. De hengel komt binnenboord. Dat staat ook zo in de bootvisdag, omdat veiligheid geen bijlage is bij de masterclass.

De beweging blijft klein. Optillen, laten vallen, contact houden. Grote uithalen horen bij het werpen vanaf de kant, en zelfs daar zijn ze vaak te groot. In een open boot raken ze de reling, het vest of de lijn van de ander. Daarom passen er twee cursisten op, niet vier. Een derde hengel is een ongeluk dat nog niet heeft plaatsgevonden.

Wisselen doet u op dezelfde plek. Eerst de jig, tien vallen, dan de shad, tien vallen, het gewicht zo gekozen dat beide de bodem halen. Verandert u ondertussen van pijler, dan vergelijkt u stekken en niet kunstaas. Die discipline is de kern van de jigging-masterclass. Zij voelt langzaam. Zij levert wel een conclusie op die u de week erna kunt herhalen zonder Frank van Dijk naast u.

Laat de dieptemeter uit als u hem niet kunt uitleggen. De lijn telt eerlijker dan een scherm dat u nog niet vertrouwt. Heeft u het apparaat wel in de vingers, gebruik het dan als controle op wat u al voelde, niet als een pijl die u naar andermans coördinaten stuurt. Die coördinaten staan niet in onze kennisbank, en zij zouden de les ook niet beter maken.

Wind tegen stroom is een reden om niet te varen. De Maas wordt dan kort, de drift wordt een sleur, en een les over fijne val verandert in vasthouden. Wij verzetten de dag liever dan dat wij een ‘korte poging’ verkopen. Een masterclass die alleen doorgaat omdat de agenda vol staat, is geen masterclass.

Oefen de val thuis niet met een loodje in de woonkamer tot in de perfectie. Oefen hem op het water, met een vest aan en met iemand die zegt wanneer de lijn binnen moet. De techniek is klein. De context van de rivier is dat niet. Wie alleen de jig onthoudt en de boot vergeet, heeft de helft van de dag gemist.